Veelgestelde vragen

Antwoorden op veelgestelde vragen

Hebt u een vraag over uw pensioen? Bekijk onderstaande veelgestelde vragen om te ontdekken of uw vraag al door ons beantwoord is. Staat uw vraag hier niet tussen? Neem dan contact met ons op.

Bekijk alle vragen

Uniform Pensioenoverzicht

  • Wat is een Uniform pensioenoverzicht?

    Op het Uniform Pensioenoverzicht (UPO) staat wat u aan pensioen hebt opgebouwd bij ons pensioenfonds. Voor uzelf en voor uw eventuele partner en kinderen. Alle pensioenfondsen en verzekeraars gebruiken hetzelfde model voor het pensioenoverzicht. Hebt u een partner? Dan kunt u gemakkelijk uw pensioenoverzicht met dat van uw partner vergelijken.

  • Wat staat er op het pensioenoverzicht?

    Op het pensioenoverzicht ziet u wat u tot januari dit jaar aan pensioen hebt opgebouwd bij ons fonds. Wijzigingen per 1 januari van dit jaar staan niet in het pensioenoverzicht van dit jaar, maar in het pensioenoverzicht van volgend jaar.

    Verder vindt u de volgende informatie terug op het pensioenoverzicht:

    • de basisgegevens van u en eventueel uw partner
    • informatie over het door u opgebouwde pensioen
    • factor A voor uw belastingaangifte
  • Wanneer krijg ik een pensioenoverzicht?
    • Werknemers die nu pensioen opbouwen bij ons ontvangen dit overzicht elk jaar. 
    • Ook gepensioneerden ontvangen dit overzicht elk jaar.
    • Oud-werknemers die hun pensioen bij ons hebben laten staan toen ze uit dienst gingen, ontvangen dit overzicht minimaal elke 5 jaar. Online is er elk jaar een nieuw pensioenoverzicht beschikbaar. 
  • De gegevens op mijn pensioenoverzicht kloppen niet, wat kan ik doen?

    Klopt er iets niet? Neem dan contact met ons op. Als u wijzigingen hebt doorgegeven na 1 januari van dit jaar, dan komen deze wijzigingen in het pensioenoverzicht van het volgende jaar te staan. Deze wijzigingen hebben dan namelijk nog geen invloed op uw pensioen van het afgelopen jaar.

  • Wat betekent factor A?

    Factor A is een formele naam voor de toename van uw pensioen in een kalenderjaar. Het bedrag factor A is belangrijk als u nog niet met pensioen bent en zelf bijspaart voor extra pensioen.

    Factor A geeft de fiscale ruimte aan. Dit bedrag gebruikt u bij uw belastingaangifte. U moet voor uw aangifte van bijvoorbeeld 2021 de factor A van 2020 gebruiken. U leest meer over de factor A in de toelichting op de laatste bladzijde van uw pensioenoverzicht

Bekijk alle vragen

De belangrijkste wijzigingen van uw pensioen bij ons fonds

  • Kiezen uit een gezamenlijke of een eigen pensioenpot

    Er komen straks twee regelingen. Dat zijn allebei zogenaamde ‘premieregelingen’. Daarin staan geen afspraken over de hoogte van uw pensioen, maar over het geld dat uw werkgever en u betalen (of betaald hebben) voor uw pensioen.

    Welke regeling wij krijgen, is nu nog niet bekend. De sociale partners kiezen een van de twee varianten voor 1 januari 2025.

    1. Gezamenlijke pensioenpot
    Ofwel de solidaire premieregeling. We beleggen het pensioengeld samen in één gezamenlijke pensioenpot. Daaruit betalen we de pensioenen. We reserveren ook geld in een buffer. Daarmee vangen we financiële tegenvallers op, bijvoorbeeld als het slechter gaat met de beleggingen. De vakbonden en werkgevers bepalen hoe we mee- en tegenvallers verdelen onder iedereen die bij ons fonds een pensioen heeft staan. Elk jaar berekenen we wat uw deel van de gezamenlijke pensioenpot is. Zo maken we een inschatting van uw pensioen straks. Die inschatting zal ieder jaar anders zijn.

    Hoe ziet de buffer eruit?
    Het fondsbestuur, vakbonden en werkgevers beslissen:
    - hoeveel we inleggen (maximaal 10% van de premie plus 10% van de winst met beleggen dat overblijft als de andere verplichten zijn verrekend);
    - wanneer we uitkeren uit de buffer
    - aan wie we uitkeren uit de buffer.

    2.  Uw eigen pensioenpot
    Ofwel de flexibele premieregeling. Ook in deze variant beleggen wij het pensioengeld. Maar u bouwt uw pensioenkapitaal op in uw eigen pensioenpot. We nemen meer risico met beleggen als u jong bent en nog ver van uw pensioen afstaat. Zo neemt de kans op een hoger pensioen toe. Als u ouder wordt en dichter bij uw pensioen komt, nemen we minder risico met beleggen. Daardoor verandert er niet veel meer aan uw pensioen vlak voordat u met pensioen gaat. In deze variant is er standaard geen buffer. Het kan wel zijn dat er eentje komt, maar dat moet niet.

    Welke regeling het ook wordt, straks vervalt de dekkingsgraad als graadmeter voor hoe ons fonds er financieel voor staat.

  • Hoe berekenen we straks uw pensioenuitkering?

    Als u gepensioneerd bent, verandert uw pensioenuitkering ook. We kijken ieder jaar:

    • hoeveel geld er voor u in de pensioenpot zit;
    • hoe de economie het naar verwachting de komende jaren gaat doen;
    • hoe oud mensen gemiddeld worden. Hoe langer mensen leven, hoe langer mensen pensioen krijgen.
         

    We rekenen uw (deel van de) pensioenpot elk jaar om naar een pensioen. Omdat het bedrag in de pot wisselt, gaat ook de uitkomst van die berekening elk jaar omhoog of omlaag. Uw pensioen schommelt dus ieder jaar. Wel proberen we die schommelingen zo klein mogelijk te houden.

  • Hoe stappen we over?

    Om over te gaan van het huidige stelsel naar het nieuwe stelsel moeten de  vakbonden en werkgever een plan maken. Daarin staat bijvoorbeeld:

    • of ze kiezen voor een regeling met een gezamenlijke of individuele pensioenpot;
    • hoe ze de opgebouwde pensioenen van dat moment willen omzetten in het nieuwe pensioen;
    • hoe ze groepen compenseren die anders minder pensioen zouden krijgen (veertigers en vijftigers)
         

    Het Verantwoordingsorgaan krijgt meer zeggenschap.

  • Moet u nu actie ondernemen?

    Nee, want tot 2023 verandert uw pensioenregeling niet.

    Wel is het straks nóg belangrijker dat u regelmatig uw pensioen checkt, want de hoogte van uw pensioen wordt minder zeker.

    Krijgt u al pensioen? Dan verandert er voor u tot 2023 niets.

  • Wat verandert er in de tussentijd?

    Minister Koolmees wil graag tijdelijk andere regels voor wanneer wij de pensioenen mogen verhogen of moeten verlagen. Deze regels zouden gelden vanaf het moment dat de nieuwe wet er is (in 2023) tot het moment dat onze pensioenregeling is aangepast (uiterlijk 2027).

    In de overgangsperiode
    Tussen 2023 en uiterlijk 2027:

    - hoeven we de pensioenen minder snel te verlagen dan volgens de huidige regels, en
    - mogen we de pensioenen sneller verhogen dan volgens de huidige regels.

    Andere regels verhoging pensioen
    Een pensioen verhogen mag nu als onze beleidsdekkingsgraad hoger is dan 110%. Volgens de overgangsregels wordt dat 105%. Dat is positief. Deze grens kunnen wij eerder halen. Minister Koolmees kijkt of die grens van 105% ook al in 2022 kan gelden. Hier staat meer informatie over de verschillende dekkingsgraden en onze financiële positie.

    Andere regels verlaging pensioen
    Een pensioen verlagen moet nu als onze dekkingsgraad lager is dan zo’n 104%. Volgens de overgangsregels wordt dat 90%. Als we onze pensioenregeling veranderen (uiterlijk in 2027) moet de dekkingsgraad minimaal 95% zijn. Duikt hij voor die tijd onder de 90%? Dan moeten we de pensioenen verlagen.